
De sjalot is de meest verfijnde ui. Het woord is afkomstig van de naam van een stad in het oude Palestina : Ascalion. In het Engels heten sjalotten dan ook "scalions". Deze uiensoort kan lang bewaard worden als ze droog en fris opgeborgen worden.
In de sjalottensoorten treffen we rode en witte soorten aan, zelfs een grijze soort die vooral in Frankrijk zeer hoog aangeschreven staat: de "grise de Bagnolet".
Een andere rode Franse sjalot wordt "cuisse de poulet" genoemd naar de langwerpige vorm. De Nederlandse naam is banaansjalot, ook naar analogie met de vorm.
In de keuken
- Sjalotjes kan je bakken of stoven.
Als je ze bakt, dan krijgen ze een zoetige smaak, die sauzen een bijzonder aroma geeft. - Laat ze niet te donker worden, want dan worden ze bitter.
- Fijngehakt sjalotjes kan je in de koelkast in een afgesloten doosje een paar dagen bewaren.
- Soms worden sjalotjes ook in hun geheel meegestoofd.
- De combinatie met tijm, rozemarijn en wat honing is hemels
- Sjalot geeft vleesjus een aparte, een tikje zoete smaak.
- Het is een ideaal ingrediënt in bouillon.
- Wel niet overdadig gebruiken, want sjolot heeft dan de neiging om andere smaken te overstemmen.
- Fijngehakt is hij geschikt om mee te bakken met champignons of groenten.
- Superfijn gehakt kan de sjalot ook in salades gebruikt worden
Gezondheid
- De sjalot is een krachtige bron van voedingsstoffen, vitaminen en mineralen.
- Ook heeft de sjalot geneeskrachtige en helende eigenschappen. Door de zwavelhoudende en vluchtige oliën verbetert de maag- en darmflora en wordt de spijsvertering bevorderd. De sjalot bevat een zeer hoge concentratie aan flavonoïden.
- Bij regelmatig gebruik verlaagt daardoor het cholesterolgehalte met daarbij de kans op hart- en vaatziekten.
- Ook heeft de sjalot een rustgevende werking.
Met dank aan Fons Nicolay en De Gezonde Apotheker voor de achtergrondinformatie

