
Papaya komt van oorsprong uit Zuid Amerika, maar wordt tegenwoordig ook gekweekt in Midden-Amerika. De Papayabomen hebben een kale en rechte stam met bovenaan een pruik van bladeren. Vlak hieronder groeien de vruchten in trossen aan de stam.
Papaya is een peervormige vrucht met een groengele, vrij dunne schil. Het vruchtvlees is zalmroze tot geeloranje. Het is zacht en sappig en geurt naar rijpe abrikozen. In het midden van de vrucht bevindt zich een holle ruimte die plaats biedt aan talloze niet eetbare pitjes die zijn omringd door een geleiachtige stof.
Halveer de vrucht en haal de pitten eruit.
Onrijpe papaya’s rijpen goed na bij kamertemperatuur. Rijpe papaya’s direct consumeren of enkele dagen bewaren in de koelkast.
Papaya heeft een zoete smaak die doet denken aan meloen.
Besprenkel het vruchtvlees met wat citroensap en schep het vruchtvlees eruit. Papaya’s bevatten een eiwitsplitsend enzym dat de spijsververtering bevordert; papaïne. Serveer papaya als voorgerecht met rauwe ham of bij hoofdgerechten met bijvoorbeeld kip of gerookte kip of gerookte ham.
Voeg de vrucht pas op het laatste moment toe, anders wordt de smaak van het gerecht bitter.

